Kasteel Gemert
Kasteel Gemert ligt in het centrum van het dorp. In het kasteel is tegenwoordig het klooster van de Spiritijnen gevestigd; de Paters van de Congregatie van de Heilige Geest. Het werd begin vijftiende eeuw gebouwd door een Duitse Orde van Tempeliers. Een beknopte historie van dit prachtige gebouwencomplex, waar wij een aantal keer te gast waren tijdens onze voorbereidingsweekenden voor de Tanzania-reis 2002.
Kasteel van Tempeliers
Kasteel Gemert werd begin vijftiende eeuw gebouwd door de Duitse Orde der Teutonen, een geestelijke ridderorde van Tempeliers uit de tijd der Kruistochten. In de dertiende eeuw was Gemert al een heerlijkheid. In 1249 wordt de heerlijkheid al genoemd, maar de bouw van het kasteel begon vermoedelijk pas tegen het jaar 1400. Zij was voor de helft het eigendom van het geslacht van Gemert en voor de helft het eigendom van de ridders van de Duitse Orde. Dit tweeherenschap heeft nog al eens voor problemen gezorgd en leidde in 1363 tot een echte machtsstrijd. Toen zelfs de kerk van de Duitse Orde het voorwerp werd van plundering en brandstichting, riep de Duitse Orde de hulp in van de hertog van Brabant. Deze legde aan de heer Diederik van Gemert een dermate hoge boete op, dat de man ten slotte gedwongen werd zijn aandeel in de vrije heerlijkheid te verkopen. En zo werd de Duitse Orde de enige eigenaar van het kastelencomplex.
Een tegeltableau in het kasteel geeft een beeld van de toenmalige gebouwen.
De Duitse Orde heeft zich in alle twisten tussen Brabant en Gelre en in de strijd tussen de partijen in Tachtigjarige Oorlog altijd neutraal opgesteld. Langzamerhand echter verloor de Commanderij Gemert niet alleen bezittingen, maar ook haar kerkelijke rechten buiten de directe heerlijkheid. Daardoor nam de betekenis van de commanderij af.
Tegen het einde van de zestiende eeuw woonden er nog slechts enkele bewoners namens de Duitse Orde. Tot dan toe viel de Commanderij Gemert onder het gezag van de landscommandeur van de balije Alden Biesen in Bilzen (in Belgisch Limburg, niet ver van Maastricht), maar daaraan kwam een einde. De landscommandeur werd niet meer uit de Noord- of Zuid-Nederlandse adel gerekruteerd, maar hij werd vanaf dat moment benoemd uit leden van de hoge Duitse adel. De nieuwe commandeur werd Damiaan Hugo, graaf van Schönborn. Hij was kardinaal en prins-bisschop van Spiers en Konstanz en liet in Gemert grote verbouwingen verrichten. Hij wilde Gemert gaan gebruiken als zomerresidentie. Maar daaraan al gauw een einde aan, toen de Franse revolutie begon.
Franse bezetting
Toen de Fransen troepen in 1794 in Nederland kwamen, maakten zij een einde aan dit eeuwenlange bolwerk van de Duitse Orde. De Fransen bezetten het kasteel onder leiding van generaal Oudinot; opperbevelhebber van de Franse troepen in Noord-Brabant. De bewoning door de Franse troepen zorgde er bijna voor dat het kasteel er aan ten onder ging, want de gebouwen werden volledig uitgewoond.
Adriaan van Riemsdijk
In 1813 werd het kasteel verkocht aan Adriaan van Riemsdijk. Hij verhuurde het gebouw in gedeelten. Er werd onder meer een fabriek in gevestigd. Daarna kreeg het kasteel verschillende bewoners, waaronder een burgemeester. Jonkheer Scheidius, die ook bewoner was van het kasteel, liet restauraties uitvoeren, omdat hij het kasteel in zijn oude glorie wilde herstellen.
Van Franse Jezuïeten naar de Spiritijnen
In 1881 kocht de kloosterorde van Franse Jezuïeten het kasteel. In 1883 werd het kasteel getroffen door een brand die veel schade aanrichtte. De Jezuïeten zouden er tot de eerste wereldoorlog blijven wonen, toen zij teruggingen naar Frankrijk om hun dienstplicht te vervullen. Daarna werden de kasteelgebouwen gebruikt als missiehuis voor de paters van de Congregatie van de Heilige Geest. Sinds 1970 werd het kasteel de hoofdzetel van de congregatie.
Architectuur
Een van de oudste delen van het complex is het zuidwestelijke paviljoen met de fraaie uitgekraagde spietorentjes, dat dateert uit de zestiende eeuw. De daarnaast gelegen poortdoorgang, dateert uit de vijftiende eeuw. Alle andere gebouwen zijn in latere tijden gebouwd, hoewel vele gebouwen op de fundamenten van voorgangers werden opgetrokken.
Alleen de hoektoren van de voorburcht geeft nog een indruk van de rijke buitenmuurversiering die bij de oudste bouw zo opvallend was. De voorburchtpoort draagt het jaartal 1548. De hiernaast afgebeelde gevelsteen hoort bij de Donjon of kerker. De verdere bijgebouwen zijn na oorlogsschade in 1940 hersteld. De interessante buitenhof met poorttoren is grotendeels zeventiende-eeuws.
Het hoofdgebouw werd rond 1740 tot op de kelders afgebroken en nieuw opgetrokken in sobere classicistische stijl. In 1935 werd er door de Paters van de H.Geest een uiterlijk sterk afwijkende kapel geplaatst in de gedempte tussengracht.
Het kasteel is officieel niet te bezichtigen, maar de gebouwen zijn vanaf de weg te zien. Via een laantje ten zuiden van de markt is het schilderachtige poortgebouw van het kasteel bereikbaar. Er wonen 25 Spiritijnse paters en broeders, veelal (oud-) missionarissen die hier genieten van hun welverdiende rust, naast diverse activiteiten in besturen en omliggende parochies.
Historische informatie ontleend aan Absolute Facts uit de rubriek Kastelen, paleizen, burchten, buitenplaatsen, herenhuizen en ruines, de woonplaatsen van royalty en adel
| Lid worden of sponsoren? Klik hier, elke bijdrage is zeer welkom!
Jamani is aan-
gesloten bij:
Met dank aan alle leden van Jamani en:
|